FIAR CE

Wat is Fiar CE?

Stichting FIAR CE tracht de belangen van bedrijven in de audio en visual hardware branche te behartigen. De ruim 200 deelnemers zijn producenten en importeurs van beeld- en geluidapparatuur waaronder ook veel detailhandel.

Tot de aandachtsgebieden van de stichting behoren wettelijke regelingen die betrekking hebben op apparaten en de verpakkingen waar ze in zitten. Daarnaast zijn wij betrokken bij de vaststelling van de auteursrechtenheffing op apparaten die auteursrechtelijk beschermde werken kunnen opnemen. Een belangrijk deel van onze werkzaamheden betreffen de inzameling en verantwoorde verwerking van afgedankte apparaten. Overkoepelende thema’s zijn duurzaamheid en verantwoordelijkheid.

De stichting is aanspreekpunt voor overheid en politiek, consumentenorganisaties, pers en publieke opinie. 

De stille strijd tegen de lekstromen

Gepubliceerd op 19 juni 2019

De strijd tegen illegale handel in en sloop van afgedankte auto’s vindt voor een belangrijk deel plaats op de achtergrond. In stilte zoeken datarechercheurs van Het Landelijk Informatiecentrum Voertuigcriminaliteit (LIV) naar de kleinste aanwijzingen in databases met miljoenen gegevens. Een verslag vanuit Veendam.

Tekst Arjen van der Sar

Lekstromen, waarbij voertuigen worden gedemonteerd en verwerkt buiten de legale kanalen om, kosten bonafide autodemontagebedrijven veel geld. De activiteiten van louche slopers die zich niet aan de regels houden, brengen daarnaast de autorecycling en het milieu veel schade toe, tot verdriet van ARN en alle ketenpartners. De ‘boefjes’ zijn veelal kleine scharrelaars die in de loop van de jaren op en over de grens van de wet zijn gaan opereren. Maar het kan ook gaan om zware criminaliteit, waarbij louche ondernemers op grote schaal gestolen auto’s verwerken en diverse ‘foute’ nevenactiviteiten ontplooien.

Het zijn activiteiten die vroeg of laat in beeld komen op een verdieping van het hoofdgebouw van de RDW in Veendam. Daar werkt een dertigtal LIV-speurders – vooral informatierechercheurs en voertuig identificatiespecialisten – aan de bestrijding van de misstanden die worden gerekend onder voertuigcriminaliteit. Dit is niet het domein van de snelle actie of van de luidruchtige invallen door arrestatieteams. Dit is de wereld van big data-technologie, waar informatierechercheurs gegevens over verdachte activiteiten vergaren en analyseren. Het gaat om een permanente zoektocht met geavanceerde methoden en technieken naar opvallende afwijkingen, verbanden en trends in de databanken van RDW, Politie en VbV (Verzekeringsbureau Voertuigcriminaliteit).

Ondersteuning door informatiegaring

Dat gebeurt in stilte, benadrukt LIV-manager Hendrik Steller. “Gemeente en Politie nemen het voortouw, soms ondersteund door RDW-inspecteurs. Wij zijn er voor de informatievergaring. Bij lopende onderzoeken en inspecties leveren wij de onderbouwing, maar het gaat ook steeds vaker andersom: dan komen wij op basis van opvallende afwijkingen, een piek in bepaalde transacties en trends in de data tot vermoedens die aanleiding kunnen worden voor onderzoek.”

“Dit is de wereld van big data-technologie, waar informatierechercheurs gegevens over verdachte activiteiten vergaren en analyseren”

Andre Bouwman, adviseur bij het LIV, over de praktijk: “De grootste lekstroom bestaat uit auto’s die worden afgemeld voor export, maar toch in Nederland worden gedemonteerd. Dat gebeurt door bedrijven die niet bij ARN of Stiba zijn aangesloten. Het gaat om bedrijven die zonder vergunning oudere auto’s kopen, wat onderdelen demonteren en op andere auto’s zetten. Zij melden auto’s af voor export en zijn dan af van allerlei dure verplichtingen. De milieudienst komt illegale praktijken op het spoor doordat ze bij inspectie van dit soort bedrijven half gedemonteerde voertuigen en veel losse onderdelen tegenkomen, terwijl ze niet vergund zijn om voertuigen te demonteren.”

De aanleiding voor een inspectie is vaak een opvallende vondst. Bouwman: “Enkele jaren geleden zijn we samen met de branche heel gericht door de exportmeldingen gelopen. Dat waren er circa 360.000. Sommige bedrijven meldden opvallend veel auto’s af voor export, met name in de categorie van rond achttien jaar oud. Dit is de gemiddelde leeftijd van demontagevoertuigen en massale export daarvan is dan niet echt logisch. Dat is een indicator dat er iets mis kan zijn – dat ze niet echt exporteren. Uiteindelijk kwamen zo’n twintig bedrijven in beeld.”

Bewust onder de radar

“De top vijf meest opvallende zijn we nader gaan bekijken, waarbij uiteindelijk de RDW- en RUD-inspecteurs (RUD, Regionale Uitvoeringsdiensten, red.) hun slooperkenningen, vergunningen en werkelijke activiteiten hebben gecheckt. Sommige van de garagebedrijven in kwestie bleven heel bewust onder de radar. Ze demonteerden wel degelijk, maar hadden geen sloopvergunning, noch de noodzakelijke milieuvoorzieningen. Uiteraard zijn er maatregelen genomen tegen de bedrijven, zoals het intrekken van vergunningen en zelfs het doen van aangifte. Ook zijn bedrijven compleet opgerold waar hoofdzakelijk gestolen voertuigen werden gestript.”

“Hints vanuit de demontagebranche dat het ergens niet koosjer is, zijn belangrijk en zeer welkom”

Zo kan een ‘flag’ of ‘spike’ in de cijfers in de praktijk van LIV aanleiding zijn voor nader onderzoek of voor een check op locatie. Volgens Steller en Bouwman begint het soms ook met een melding van een gemeente, of komt er een signaal via ARN, Stiba of via Meld Misdaad Anoniem. “Hints vanuit de demontagebranche dat het ergens niet koosjer is, zijn belangrijk en zeer welkom”, zegt Steller. “Je moet zelfs je buurman durven aangeven, als je weet dat hij niet volgens de regels werkt.”

Kleine aanleidingen

Volgens Andre Bouwman kunnen kleine aanleidingen ook daadwerkelijk leiden tot de ontdekking van criminele activiteiten. “Er loopt nog een onderzoek naar een bedrijf in Diemen, waar de inspecteurs nu al 480 gestolen auto’s in onderdelen hebben aangetroffen. De zaak ging rollen op basis van het signaal van de oplettende toezichthouder en van tips en LIV-data-analyses.”

Nog een voorbeeld. De RDW deed een inval bij een bedrijf en stuitte op gestolen onderdelen. Deze kwamen van een ander bedrijf, waar vervolgens dezelfde feiten werden vastgesteld. Zo komt vaak een heel netwerk in beeld. Ook komt het voor dat een gestolen auto via een track&trace systeem kan worden gelokaliseerd op het terrein van een bedrijf. “De inspecteurs die daar de deur opendeden, vielen van de ene verbazing in de andere. Gestolen auto’s, een verborgen hennepplantage, veel contant geld en zelfs zware wapens. Dat soort ontdekkingen kan je doen op basis van één tip.”

Er is slagkracht nodig om zulke gevallen aan te pakken. “We hebben geregeld goed gecoördineerde acties onder leiding van politie en/of gemeenten, ondersteund door RDW, RUD en Verzekeringsbureau Voertuigcriminaliteit”, zegt Steller, die benadrukt dat LIV alleen de data-ondersteuning biedt en – als illegale of zelfs criminele activiteiten aan het licht komen – de bewijsvoering helpt onderbouwen.

Meer smeulende vuurtjes

Aan de ijver van LIV, RDW, ARN en Stiba zal het niet liggen, meent Steller. Wel leeft bij hem het gevoel dat er meer smeulende vuurtjes te vinden moeten zijn; een gevoel dat mede wordt ondersteund door het geslaagd project ‘Aanpak Malafide Handel’ van twee jaar geleden. “Alle partijen die aan het opsporings- en handhavingswerk meedoen zijn van goede wil. Wel denk ik dat ons overleg en onze samenwerking intensiever en in hogere frequentie kan plaatsvinden. Daarmee kunnen we de druk op de voertuigcriminaliteit hoog houden en echt doorpakken.” Bouwman vult aan: “Het is goed om de samenleving het werk van een georganiseerde overheid te tonen. Veel malafide autoslopers zijn handig, ook in het uitspelen van gemeente, milieudienst en RDW. Als we één front vormen, voelen de kwaadwillenden de druk.”

Ook pleit Steller voor een duidelijker eigenaarschap van het probleem. “Wie neemt de lead? Ik denk dat het vaker dan tot dusver de gemeenten kunnen zijn die het gezamenlijke speurwerk, het toezicht en de handhaving aanjagen. Veel gemeenten hebben illegale sloop en uitwassen binnen hun grenzen die ze graag willen aanpakken.”

Vaker proactief

Hoe de strijd ook gevoerd wordt: LIV levert z’n bijdrage door verbanden zichtbaar te maken, trends te signaleren en opvallende pieken in het datalandschap van voertuigcriminaliteit aan te wijzen. “Dat gebeurt”, zo benadrukt Hendrik Steller, “steeds vaker proactief. Er gaat een wereld van kwade bedoelingen schuil achter het ‘gerommel’ met auto’s. En als wij er lucht van krijgen of we zien ergens rook in de data, dan trekken wij aan de bel bij RDW en zo nodig bij de politie. Lekstromen moeten we actief bestrijden en wij merken een groeiende prioriteit om er werkelijk iets aan te doen.”

LIV, hét expertisecentrum

Het Landelijk Informatiecentrum Voertuigcriminaliteit (LIV) is een samenwerkingsverband van RDW, Politie en Stichting Verzekeringsbureau Voertuigcriminaliteit (VbV). Het LIV is hét expertisecentrum voor voertuigcriminaliteit en opsporingsbijstand in Nederland. De organisatie is een centraal meldpunt, verstrekt informatie, geeft advies en het ondersteunt specifieke acties. Het is de enige organisatie waarin publieke en private partijen samenwerken aan opsporingsbijstand bij voertuigcriminaliteit. LIV ondersteunt de opsporing en handhaving met voertuigidentificatie, falsificatenonderzoek, analyse en informatiecoördinatie.

Contact met FIAR CE

Stichting FIAR CE
mr. André Habets
De Baken 68
5231 HS 's-Hertogenbosch

Tel:      +31 (0) 73 511 62 07
E -mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.